Harmonie, balans en ritme: Versnellen door te vertragen

Werkende principes in transities: harmonie, balans en ritme

Harmonie, balans en ritme. Een van de basisprincipes voor transities. Niet zomaar bij elkaar geraapte woorden. Datgene waar de natuur al eeuwen op draait. Energie optimaal tot je nemen en zo min mogelijk verspillen. Met als doel om met die opgedane energie zoveel mogelijk nieuw leven tot stand te brengen. En die energie is uiteraard onmisbaar voor de uitvoering van onze duurzame transitieopgaves, maar hetgeen wat wij als mensen de laatste tijd meer en meer zijn kwijtgeraakt. We zijn namelijk vergeten dat we onderdeel uitmaken van de natuur. We leven dikwijls in een ratrace. We hollen van de ene deadline naar de andere. Overspoelen ons met continue prikkels. De gemiddelde Nederlandse volwassene staart volgens een onderzoek maar liefst 45 jaar van zijn leven naar een mobiele telefoon, (spel)computer, e-reader of televisiescherm. Eén op de zes werknemers heeft burn-out klachten. En stilte, verveling en vertraging vinden we lastige begrippen om invulling aan te geven.

Wat bedoelen we überhaupt met de termen harmonie, balans en ritme? Alle drie kunnen uitgelegd worden aan de hand van energie. En zonder energie, geen leven. Harmonie kun je opvatten als het niet ingaan op wat er op enig moment gebeurt, wat er op jouw pad komt. Maar aanpassen, meegaan in de stroom. Denk bijvoorbeeld aan een zwerm ganzen die in een storm terechtkomt en besluit geen uitputtingsslag met de harde tegenwind aan te gaan, maar te stoppen met vliegen totdat er betere weersomstandigheden zijn. Balans houdt het streven in naar een evenwicht tussen energie die er binnenkomt en weer uitgaat. Denk aan diezelfde gans die eerst voldoende eet voordat hij een inspannende vlucht uitvoert. En ritme gaat om de dagelijkse en seizoenscycli en zelfs alle levensfasen, waarbij stevige activiteit en rustig herstel elkaar afwisselen. Denk aan beren, egels of eekhoorns die in de winter minder voedsel tot hun beschikking hebben, hun hol inkruipen, hun stofwisselingstempo omlaag brengen en de winterslaap- of rust omarmen totdat de lente aanbreekt.

En waar denk jij aan bij harmonie, balans en ritme? Misschien aan de bestseller, het boek ‘Dingen die je alleen ziet als je er de tijd voor neemt’ van de boeddhistische monnik Haemin Sunim? De trend ‘bosbaden’, ofwel je laten onderdompelen in de natuur, wellicht? Aan mindful je avondeten binnenwerken? Of sta je zelf even net iets meer op de rem iedere winter als de dagen wat korter zijn? Wat het ook is, wat heeft dit te maken met jouw duurzame transitieopgave? Mijn ervaring is dat mensen die zich met duurzaamheid bezighouden, een zekere en dikwijls bovengemiddelde urgentie, passie of drive hebben om iets voor elkaar te krijgen, om de wereld ten goede te verbeteren. Echter daardoor dikwijls zichzelf voorbij lopen. Meteen tot actie over willen gaan. Snelle, tastbare resultaten willen zien. Net even iets vaker ‘ja’ zeggen. Privé en werk in elkaar doen overlopen. Niet snel opgeven. Hoe vaak ik wel niet de volgende reacties krijg op de vraag ‘hoe gaat het?’: ‘ik ben zo druk, ik weet niet meer hoe ik het gedaan krijg’, ‘m’n e-mailbox loopt over’, ‘ik ben erg moe’, ‘ik zit overvol’, ‘de hele dag is volgepropt met zoomgesprekken’, ‘m’n gezondheid leidt eronder’, enzovoorts.

De vraag is dan ook, hoe kunnen we juist door een stap terug te doen, de stilte te omarmen en een dieper niveau van bewustzijn hanteren, meer blijvende impact realiseren? Inspiratie graag!

HET WERKT BIJ EEN LUIAARD, TIBETAANSE TRADITIE EN INHEEMS VOLK!
Lui of efficiënt?

We starten bij de luiaard. Die houdt van bladeren. Niet zo verrassend voor een dier dat in de bomen leeft. Een makkelijk beschikbaar hapje in overvloed, toch? Echter, bladeren geven nu niet de meeste voedingswaarde en het verteren ervan kost veel energie. Wat daaraan te doen? Luiaards hebben zich in de loop van der jaren aangepast. Ze ontwikkelden voeten die uitstekend geschikt waren om ondersteboven aan takken te kunnen hangen. Ondersteboven hangen vermindert het calorieverbruik aanzienlijk, vergeleken met het continu balanceren op en tussen takken. En voor het wat langer rondhangen op één plek ontwikkelden ze ook kleinere schouderbladen en langere armen om overal goed bij te kunnen komen. Daarnaast verlaagden zij hun lichaamstemperatuur. Naar gelang behoefte schommelt deze tussen 23 en 33 graden Celsius. De benedengrens maakt deze dieren wel koud, maar dit vangen ze op door te leven in de tropische jungle en zichzelf veelvuldig op te warmen in de volle zon bovenin de boomtoppen. En wanneer het tijd wordt om een dutje te doen, rollen ze zich op als een strakke bal in de vork van twee takken. Dit om hun eigen lichaamstemperatuur her te gebruiken. Alweer een erg slimme manier om energie te besparen. Hun kortharige vacht is aantrekkelijk voor allerlei organismen als kevers, motten en algen. Iedere keer als de luiaard zijn vacht schoonlikt, betekent dit extra brandstof. Tot slot, de luiaard beweegt zich niet voor niets tergend langzaam. Zelfs een maaltijd kan een maand onderweg zijn in het spijsverteringskanaal. Opnieuw om enorme hoeveelheden energie te besparen. Kortom; lui staat hier eigenlijk gelijk aan energie-efficiënt. Hierdoor hebben deze dieren zich weten te handhaven, lang nadat de grondluiaards van de bodem waren verdwenen [bron: De acht grote lessen van de natuur, Gary Ferguson].

Omarmen van de vergankelijkheid

We komen uit bij een Tibetaanse boeddhistische traditie, de zandmandala. Prachtige afbeeldingen gemaakt van gekleurd zand. Het Sanskriet woord mandala betekent ‘cirkel’. De zandmandala symboliseert vergankelijkheid. Materiele zaken zijn van voorbijgaande aard. Een zandmandala wordt met ceremonies als speciale gebeden, veel toewijding en met opperste concentratie voltooid en vervolgens ook kort daarna weer ceremonieel vernietigd. Het zand wordt dan verzameld in een kruik en in stromend water gelegd. Op deze manier wordt het teruggegeven aan de natuur en geeft aan dat niets voor een tweede maal gebruikt wordt. Het team van monniken of nonnen tekenen de meetkundige lijnen uit en vervolgens worden de zandkorreltjes aangebracht met kleine kokers, trechters en schrapers, totdat het gewenste patroon in detail is verkregen. Een dergelijke afbeelding stelt een 3-dimensionale wereld voor. Een paleis staat centraal en er bevinden zich meerdere meditatieboeddha’s in een mandala. Ieder detail, hoe klein ook, heeft een symbolische betekenis en vaak meer dan één. Deze details kunnen bijvoorbeeld de verschillende stadia van het spirituele pad verbeelden die een boeddha heeft doorlopen. Het maken van een zandmandala kan meerdere weken in beslag nemen. Het hele proces vormt eigenlijk een dagenlange meditatie die een bijzonder positieve energie op de omgeving kan opleveren.

Dankbaar voor alles

Laten we een bezoek brengen aan de Mi’kmaq, een inheems volk in het oosten van Noord-Amerika. Zij omarmen de leefwijze ‘M’sitnoguma’, vrij vertaald als ‘all my relations’. Wat inhoudt dat wij als mensen net zo belangrijk en dus gelijkwaardig zijn aan de blaadjes aan de bomen, de rivier die achter jouw huis stroomt, de mieren die over jouw vloer rondkruipen of het roodborstje in de struik in jouw voortuin. In het Westen hebben we dikwijls een denkwijze dat de mens bovenaan de piramide staat. Vanuit ‘M’sitnoguma’ is er sprake van een horizontale lijn, waar alle wezens naast elkaar staan. Iedere keer als er een ceremonie wordt gestart, wordt er bewust stilgestaan bij ‘M’sitnoguma’; het dankbaar zijn voor alle wezens. Voor de planten die jou van voedsel of medicijnen voorzien, de rivier die jou met behulp van een kano van plek A naar plek B vervoert, de zon die jou verwarmt, et cetera. Op deze manier luisteren, zien en horen, en leren de Mi’kmaq vooral van wat deze wezens ons te vertellen hebben over hoe we in harmonie kunnen leven met de natuur, anderen en met onszelf. Zo eren zij de diepgaande kennis van de natuur en hun voorouders [bron: Rewilding: Herontdek je natuurinstinct, Bert Poffé en Kiki Nárdiz].

HOE WERKT DIT IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK?

Harmonie, balans en ritme zijn nauwelijks een gespreksonderwerp op de werkvloer. Hoe willen we hier als kerngroep, team of organisatie vorm aan geven? In onze duurzame transitieopgave? Zelf heb ik de vertaalslag hiervan gemaakt in bijvoorbeeld de jaaropleiding ‘zo werkt TRANSITIE’ in een oefening om kennis te maken in stilte, hebben we informele en open gesprekken om het kampvuur, vertragen we door al onze zintuigen in te zetten tijdens diverse wandelingen (met zonsopgang of -ondergang en verspreid over de seizoenen), luisteren we letterlijk en schrijven we een ode over en voor ons transitieteam. Daarbij doen we volop inspiratie en lessen op vanuit de natuur om te gebruiken voor de verschillende transitieopgaves. Wat kun je bijvoorbeeld leren van spechten, regenwormen of een bos om een divers team te bouwen?

Het is dan ook een onderwerp dat jezelf moet doorleven, zowel in het werkomgeving als in de privésfeer. Zowel individueel als in teamverband. Een en ander in balans brengen, vaker ‘nee’ zeggen, wandelen in de pauze, de ochtend starten in stilte, spontaan een middagje vrij plannen en focus aanbrengen in waar jij van toegevoegde waarde bent en zelf blij van wordt. Dat is ook voor mezelf een reis die ik bewandel en telkens weer een stapje in probeer te zetten. Daarom onder meer de keuze voor de start van mijn bedrijf ‘start met 8’ afgelopen september om de natuur meer in mijn werkzame leven te integreren, te genieten van het buiten zijn en met mensen in échte verbinding te staan. Te versnellen door juist te vertragen. Ik geniet bijvoorbeeld enorm van mijn uitstapjes met een ecoloog die mij meer en meer verwondering meegeeft van de oh zo prachtige natuur!

En wat leer ik nu zelf van een luiaard, de zandmandala en Mi’kmaq? De luiaard geeft mij meer inzicht hoe energiestromen werken. Als ik zelf even geen energie heb, er gewoon aan toegeven en niet proberen te vechten tegen de bierkade. Inzien dat ik in de ochtend meer uit mijn handen krijg dan in de avond. En telkens bewust naar werkzaamheden kijk met de oogkleppen: ‘waar zit de energie?’ Van mezelf en ook van anderen. Loslaten van datgene waar die niet aanwezig is. De monniken en nonnen geven mij een zetje om een proces met aandacht te omarmen in plaats van te veel focus leggen op het doel. Ervoor te kiezen om in het hier en nu aanwezig te zijn en me niet te veel laten afleiden door apps, sociale media en e-mails. En de Mi’kmaq leren mij opnieuw de waarde van dankbaarheid. Bewust te zijn van onze gelijkwaardigheid met alle wezens om ons heen. De verbondenheid met ons ecosysteem. En dat bewustzijn leert ons een zeer waardevolle les om anders om te gaan met mensen, dieren, planten en onze aardbol.

DIT WERKT VOLGENS HENRIK LOOIJ, NATURE QUEST
Samen kom je verder

“In het kader van horizontaal leven, heb ik er veel baat bij dat ik veel samen doe als het gaat om harmonie, balans en ritme. Het huishouden, de zorg voor onze zoon met m’n liefde Anne, Nature Quest doen we met z’n vieren, alsook andere bedrijven, en de herberg in Zweden is echt een gemeenschapsproject. Dat maakt het makkelijker als iemand een stapje achteruit moet doen, dat  iemand anders dan een stapje vooruit kan doen. Wat voor mij te maken heeft met een gebalanceerd ecosysteem creëren voor jezelf. Daarnaast is het voorbeeld van het gedrag van de luiaard een herinnering aan mezelf om continu af te wegen wat neem ik wel en niet tot me. En sta ik geregeld op een sociale media, e-mail en appdieet.”

Een dagelijks ritueel

“Wat wij binnen Nature Quest en andere coaching programma’s doen, is de ander de vraag te stellen het zelf te ontdekken. Een dagelijks ritueel te ontwikkelen. Iets wat net zo gemakkelijk is als tandenpoetsen. Iets wat je iedere dag te allen tijde kan doen. Eventjes. Al is het maar voor 5 of 10 minuten en voor de ander wellicht een half uur. Om op deze manier voor jezelf de drempel te verlagen om even contact te maken met iets groters dan jezelf. Met harmonie, balans en ritme. Tandenpoetsen is ritme. Het is ons kennelijk gelukt om dat in onszelf te programmeren. Dat doen we gewoon. Wat ik mensen gun is dat wat hen dierbier is, dat ze dat ook elke dag doen. Dat kan wandelen zijn. Met aandacht een kopje thee drinken op het balkon. Een bankje opzoeken in een nabijgelegen park. Wat het ook is. Dat gun ik veel meer mensen toe in alle haast van vandaag de dag. Dat is mijn balans om mensen niet te vertellen wat ze precies moeten doen, maar wel te suggereren er iets mee te doen. Wat ik leuk zou vinden voor de lezers van dit stuk, zelf een tip te halen uit ons e-book 46 Mini-Quest tips voor een natuurlijk leven’. Waarvan jij denkt dat het goed past bij harmonie, balans en ritme en je er mogelijk een terugkerend ritueel van kunt maken.”

SAMENVATTEND
Wat zijn werkende principes in harmonie, balans en ritme?
  • Probeer zo min mogelijk energie te verspillen. Waar zitten jouw energielekken in jouw transitieopgave? Tijd om iets los te laten misschien? En juist daarop te richten wat jou energie geeft. Denk aan die tergend langzame luiaard als inspiratiebron.
  • Pak werkzaamheden aan in het hier en nu. Als je iets omarmt en er ‘ja’ op zegt, dan verdient het ook volop aandacht. Net zoals een monnik of non dat doet bij een zandmandala.
  • Ontwikkel een dagelijks ritueel. Even contact maken met iets groters dan jezelf. Wat jou dierbaar is. Net zo makkelijk is als tandenpoetsen. En kun je ook een ritueel ontwikkelen met jouw kerngroep?
  • Verbind je met de natuur! Als je de volgende keer in jouw tuin, in een park, op het strand of bos bent, wees dan even bewust van alles wat je om je heen ziet, hoort en voelt. Je leert er vast van voor jouw opgave!
  • Creëer voor jezelf een goed werkend ecosysteem, samen met anderen. De ene keer iemand anders voorop, de andere keer jij.

Comments are closed.